De politie heeft vier nepagenten aangehouden in Emmen. Zij worden ervan verdacht tenminste drie oudere mensen te hebben opgelicht in Twente. Mogelijk hebben ze meer mensen gedupeerd.
De nepagenten werden vorige week vrijdag opgepakt, meldt RTV Oost.
Volgens de politie hadden de nepagenten een dag eerder gebeld met twee oudere inwoners van Enschede en Lonneker, een dorp vlakbij Enschede.
Ze hingen een verhaal op over een inbraak in de buurt en kondigden aan dat er een politieagent zou langskomen om waardevolle spullen veilig te stellen.
Even later stond een nepagent voor de deur die de gedupeerden overrompelde en ze in hun eigen huis bestal van sieraden, contant geld en pinpassen.
Een derde gedupeerde werd niet vooraf gebeld, maar aan de voordeur verrast door een nepagent. Ook zij of hij werd beroofd.
De politie kon de vier nepagenten niet veel later aanhouden. Het gaat om twee mannen van 23 en 28 jaar uit Emmen, een vrouw van 21 uit Emmen en een man van 30 uit Emmer-Compascuum.
Bij de verdachten werd niet alleen nagemaakte politiekleding maar ook de buit aangetroffen.
Onderzocht wordt nog wie van de vier precies schuldig is aan wat. Daarbij benadrukt de politie dat de nepagenten mogelijk meer slachtoffers hebben gemaakt.
"Bij de verdachten zijn namelijk spullen aangetroffen die mogelijk van één of meerdere andere slachtoffers zijn", aldus de politie, die gedupeerden vraagt zich te melden.
Nepagenten, die al dan niet met een babbeltruc aan de deur staan en sieraden of andere waardevolle spullen stelen, zijn een groot probleem in Nederland. Vorig jaar werden ruim 10.000 incidenten met nepagenten geregistreerd. De politie pakte in 2025 ruim 500 verdachten op die zich voordeden als agent. In 2024 ging het om ruim 350 verdachten.
Om vooral oudere bewoners weerbaarder te maken tegen nepagenten, begon de politie in april in het oosten van het land een campagne in het Nedersaksisch: "Pas op veur laaienlichters en neppliessie!".
"Want of 't nou in 't Twents, Achterhoeks, Noordwest-Overijssels, Veluws of Sallands is. 'n Gewaarschuwd mens telt veur twee!", aldus de politie toen.

Door een cyberaanval op een logistieke partner van Bol en de Bijenkorf zijn mogelijk persoonlijke gegevens van klanten op straat beland. De webwinkels hebben klanten hiervoor gewaarschuwd in een e-mail. Als gevolg van de situatie kunnen bestellingen vertraging oplopen of worden geannuleerd.
Cybercriminelen hebben mogelijk toegang gehad tot het systeem van CEVA Logistics. Dit bedrijf voert logistieke operaties uit voor de twee webwinkels. Het incident heeft betrekking op de uitvoer van bestellingen uit één distributiecentrum van Bol, meldt het bedrijf in een e-mail aan een deel van zijn klantenbestand.
Volgens Bol zijn de eigen systemen niet getroffen. Voor de klanten die er een e-mail over hebben gehad, bestaat het risico dat hun naam, adres, postcode, telefoonnummer of andere privédata is gelekt. Het is onduidelijk hoe groot de groep mogelijke slachtoffers is.
Ook bij de Bijenkorf is nog niet duidelijk hoeveel klanten mogelijk zijn getroffen door het datalek bij CEVA Logistics. "Er is een extern onderzoek gestart naar de oorzaak, omvang en mogelijke gevolgen van het incident", meldt het bedrijf aan klanten.
Zowel Bol als de Bijenkorf zegt dat er momenteel geen aanwijzingen zijn dat betaalgegevens, wachtwoorden of inloggegevens van klanten zijn betrokken bij het incident.
Bol zegt dat het 1 augustus te horen kreeg van CEVA Logistics dat er mogelijk een datalek was geweest. De Autoriteit Persoonsgegevens is op 3 augustus ingelicht over de situatie. De klanten die mogelijk het slachtoffer zijn geworden, kregen vandaag een e-mail.
De NOS heeft Bol gevraagd waarom klanten niet eerder op de hoogte zijn gesteld. Een woordvoerder zegt dat er eerst grondig moest worden onderzocht wat er precies aan de hand was en welke klanten mogelijk zijn getroffen. "Dat is iets waar we gelijk heel erg ons best op hebben gedaan. We willen de klanten in een keer zo goed mogelijk informeren en niet twee of drie keer."


Fietsenfabrikant Accell vraagt uitstel van betaling aan. Dat is in veel gevallen een voorstadium van een faillissement. De fabrikant is onder meer bekend van de merken Batavus, Sparta, Babboe en Koga.
Het bedrijf uit Heerenveen kwakkelt al langere tijd. In de coronacrisis konden veel onderdelen niet geleverd worden, waardoor het bedrijf niet kon voldoen aan de vraag naar nieuwe fietsen. Tegen de tijd dat het logistiek weer soepel liep, bleef het bedrijf zitten met een enorme voorraad aan fietsen.
Eerder dit jaar werd er nog een deal gesloten met schuldeisers na een reorganisatie. Onderdeel van de deal was dat het bedrijf in handen kwam van de schuldeisers.
Die oplossing was niet voor de lange termijn, er werd daarom een zoektocht gestart naar een nieuwe eigenaar. "Daarbij zijn gesprekken gevoerd met verschillende geïnteresseerde partijen, meerdere biedingen beoordeeld en is geprobeerd goedkeuring van toezichthouders te verkrijgen voor een mogelijke fusie", schrijft Accell in een persbericht.
Daaruit kwam geen goede oplossing, waardoor het bedrijf concludeerde dat het uitstel van betaling moest aanvragen. Topman Jonas Nillson spreekt van een "zeer verdrietige en frustrerende situatie".
Accell heeft al een reeks reorganisaties achter de rug. Het sloot vorig jaar zomer de laatste fabriek in Nederland, in Heerenveen. Het productieproces werd verplaatst naar Hongarije en Frankrijk.
Bij Accell werken bijna 3700 mensen, verspreid over vijftien landen. Het hoofdkantoor staat in Amsterdam, maar het kantoor van de belangrijkste merken staat nog altijd in Heerenveen.
In die plaats werd in 1904 ook Batavus opgericht. Eind jaren 80 ging het fietsenmerk failliet en kwam het via een ander bedrijf in handen van de Accell Group. Vorige maand liet Accell nog weten dat het merk Sparta zou verdwijnen. Het zou opgaan in Batavus, meldde fietsvakblad Nieuwsfiets.
Begin 2024 raakte het dochterbedrijf Babboe in opspraak vanwege fouten bij de productie. Frames van de bakfietsen waren breekbaar en de verkoop werd op last van de NVWA stilgelegd. Het bedrijf moest tienduizenden bakfietsen terugroepen.

Een afgedankte rakettrap van ruimtevaartbedrijf SpaceX is vanochtend vermoedelijk op de maan ingeslagen. De botsing vormde geen gevaar voor de aarde, maar roept wel de vraag op hoe om te gaan met achtergelaten ruimtepuin, zegt ruimtecriminoloog Yarin Eski.
Een rakettrap is een afzonderlijk raketonderdeel met eigen motor en brandstoftank. De trap van het ruimtevaartbedrijf van Elon Musk had een lengte van 14 meter en een gewicht van 4000 kilo en vloog met zo'n 8700 kilometer per uur op de maan af.
De inslag was voorspeld voor 08.35 uur Nederlandse tijd, maar werd niet live vastgelegd. De trap zou zijn neergekomen in de buurt van de Einstein-krater, aan de moeilijk waarneembare westelijke rand van de maan.
De Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA verwacht dat daar een krater van ongeveer 18 meter breed en 3,5 meter diep is ontstaan door de inslag. Na een flits zouden tonnen maanstof en gesteente zijn weggeslingerd. De Zuid-Koreaanse satelliet Danuri en NASA's onbemande ruimtesonde Lunar Reconnaissance Orbiter gaan foto's van de inslagplek maken.
Het gaat om de bovenste trap van een Falcon 9-raket, die op 15 januari 2025 vanuit Florida werd gelanceerd. De raket bracht twee commerciële maanlanders op weg naar de maan. Na het loslaten daarvan bleef de trap in de ruimte achter.
Normaal gesproken verbranden zulke rakettrappen in de dampkring of komen ze in de oceaan terecht. Deze trap bleef zonder brandstof in een langgerekte baan rondzweven en kon niet meer worden bestuurd. Door zonneactiviteit en zwaartekracht veranderde de baan uiteindelijk zo dat het object op de maan neerstortte. Volgens SpaceX was de inslag onbedoeld.
Ongeveer eens in de zes dagen slaat volgens NASA een meteoroïde met vergelijkbare energie in op de maan. Meteorietinslagen vinden dagelijks plaats, doordat de maan geen atmosfeer heeft die naderende objecten afremt, zoals de aarde wel heeft.
Inslagen op de maan van door de mens gemaakte ruimteobjecten zijn zeldzamer. In maart 2022 stortte na een maanmissie een Chinese rakettrap neer. NASA liet in 2009 juist opzettelijk een rakettrap op de maan neerkomen om de opgeworpen wolk maanmateriaal te onderzoeken. Sinds de jaren 60 van de vorige eeuw zijn tal van objecten op de maan terechtgekomen. Volgens de Britse omroep BBC zijn het er naar schatting drieduizend.
Rondzwervend afval in de ruimte en op de maan is een groeiend probleem, zegt ruimtecriminoloog Yarin Eski van de Vrije Universiteit Amsterdam. "Er is wetgeving, maar er is geen space police of een andere concrete handhavende instantie."
Volgens hem laat de maaninslag zien hoe lastig het is om machtige ruimtevaartbedrijven verantwoordelijk te houden voor schade die ze veroorzaken. Het Ruimteverdrag uit 1967 vormt het belangrijkste internationale juridische raamwerk, maar gaat niet over crimineel gedrag, zegt Eski. Ook bestaat er geen internationaal strafrecht voor wat hij "ruimtemilieudelicten" noemt.
Eski wijst daarbij op eerdere tests van SpaceX die mislukten, zoals in januari vorig jaar toen een Starship, het grootste en krachtigste ruimtevaartuig ooit gebouwd, uiteenviel tijdens een testvlucht. Musk schreef daarna dat "succes onzeker is, maar vermaak gegarandeerd".
De universitair hoofddocent vindt dergelijke reacties veelzeggend. "Het wordt gepresenteerd als iets spectaculairs, terwijl andere landen en het milieu met de gevolgen kunnen blijven zitten. Het is een buitengewoon onverschillige houding."
Tegelijkertijd zijn overheidsorganisaties als NASA voor hun ruimtevaartprogramma's steeds afhankelijker geworden van de kennis en de technologie van bedrijven.
Dat bemoeilijkt volgens Eski het ter verantwoording roepen van bedrijven als SpaceX. "De VS willen terug naar de maan, mede omdat China daar ook naartoe wil. Die astropolitieke wedloop kun je niet los zien van de manier waarop met ruimteafval wordt omgegaan."
Ook andere wetenschappers waarschuwen voor de langetermijneffecten van ruimtepuin en pleiten voor meer regels. Doordat de ruimte steeds voller raakt met objecten die in een baan rond de aarde draaien, wordt het steeds moeilijker om buiten de baan van de aarde te komen.

